Tijd
291
post-template-default,single,single-post,postid-291,single-format-standard,bridge-core-1.0.5,ajax_fade,page_not_loaded,,vertical_menu_enabled,qode-title-hidden,qode_grid_1300,side_area_uncovered_from_content,qode-content-sidebar-responsive,qode-theme-ver-18.1,qode-theme-bridge,disabled_footer_top,disabled_footer_bottom,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-6.0.2,vc_responsive
Tijd

Tijd

Het is eind augustus, de avondzon schijnt fel op mijn rug. Ik sta met F., onze buurvrouw, te kletsen. Dat wil zeggen: zij praat, ik luister. Zo nu en dan gooi ik er een kort zinnetje of een vraag tussendoor. Dan luidt de kerkklok. Dat doet ‘ie drie keer per dag: om half acht ‘s ochtend, om twaalf uur ‘s middag en om zeven uur ’s avonds. F. kijkt me verbaasd aan en zegt:

‘Zeven uur al? Waar is de dag gebleven?’

Ja, de tijd speelt een mal spelletje met ons, hier in Frankrijk.

De tijd is hier op het Franse platteland niet te vergelijken met de tijd in Holland. In Amsterdam ga ik op een vrije dag naar yoga, daarna lunchen met een vriendin, dan maak ik nog een rondje langs een paar winkels, thuis werk ik nog een paar mailtjes weg, na het avondeten hang ik een uurtje voor de buis en in bed sla ik nog een paar bladzijden van een boek om. In de Franse plattelandstijd zou ik daar een week voor uit moeten trekken.

Je kan hier op één dag eigenlijk maar twee dingen fatsoenlijk doen. Dat heeft met afstanden te maken maar ook met de mode de vie. De supermarkt is een half uur rijden. Heen maar terug ook. Ergens lunchen duurt minimaal drie gangen met een karafje wijn, dus daar moeten we wel de tijd voor nemen. Afspreken met vrienden neemt veel meer tijd in beslag want zo vaak zien we elkaar nou ook weer niet. Een vuurtje maken gaat minder snel dan de thermostaat een zwieper geven. En thuis tafelen duurt lekker langer dan die snelle hap voor de tv in Amsterdam want we hebben hier geen tv. En ik moet zeggen, die mode de vie-tijd went snel. Heel snel.

Tegelijkertijd – leuke woordspeling – moet je accepteren dat Fransen óók in de Franse tijdmodus zitten. Want die zorgvuldig uitgekiende afspraak bij een of andere instantie die je na het bezoek aan de supermarkt had gepland, kan zomaar niet doorgaan. Vanwege, ik roep maar wat: een nog nooit van gehoorde Franse feestdag, ziekte van de ambtenaar die als enige de sleutel van de tent heeft of de openingstijden zijn toch net iets anders dan le website liet weten.

Laat los. Ga een andere keer. Of beter nog: je bent nu toch in de buurt van dat ene dorp, kasteel, wijndomein of wat-dan-ook waar je toch al een keer naar toe wilde. Prima moment om daar nú naar toe te gaan. Die instantie komt een andere keer wel.

En laat dan ook gelijk los dat de tuinman om kwart over twaalf komt binnenkakken terwijl hij toch echt gezegd had dat hij ‘s ochtend zou komen.

‘Het is toch nog ochtend want ik moet nog lunchen?’

Adem diep in en heel langzaam weer uit.

Ed had de Franse slag qua plattelandstijd veel eerder onder de knie dan ik. Hij kookt hier soms maar liefst twee keer per dag de sterren van de hemel want daar maakt hij tijd voor. Afgelopen zomer heeft hij een oude hobby die ook tijd mag kosten weer opgepikt. We kochten namelijk bij een Engels echtpaar een tweedehands golfset. Compleet met alles erop en eraan. Ik kan met mijn plus-en-min-oogafwijking nog geen strandbal raken, dus zal Ed de achttien holes in zijn eentje moeten lopen. Maar daar heeft hij dus alle tijd voor.

En nu is het 31 december. Nog een paar uur en dan begint er een nieuw jaar. We zitten voor de houtkachel, we luisteren naar de Top 2000 en wijn en lekker eten zijn binnen handbereik. En deze laatste uren kunnen me niet lang genoeg duren.